CDU wijst pensioenleeftijd af: stabiliteit gegarandeerd tot 2031!
De CDU in Baden-Württemberg heeft een verhoging van de pensioenleeftijd afgewezen en bevordert langere werktijden met actieve pensioenen.

CDU wijst pensioenleeftijd af: stabiliteit gegarandeerd tot 2031!
De afgelopen dagen is de discussie over de pensioenvoorziening in Duitsland in een stroomversnelling gekomen. Er wordt bijzondere aandacht besteed aan de kwestie van de pensioengerechtigde leeftijd. De CDU in Baden-Württemberg, onder leiding van minister van Economische Zaken Katherina Reiche, heeft een duidelijk standpunt ingenomen: de pensioenleeftijd mag tot 2029 niet worden verhoogd. Dit standpunt werd herhaald door Winfried Mack, de woordvoerder van het economisch beleid van de CDU-fractie. Hij stelde uitdrukkelijk dat de pensioenleeftijd in deze legislatuur niet mag worden verhoogd, hoewel de leeftijdsgrens voor het standaard ouderdomspensioen in 2031 geleidelijk zal worden verhoogd naar 67 jaar. Volgens SWR lijken langere werktijden noodzakelijk, maar de CDU streeft ernaar positieve prikkels te bieden, zodat ouderen langer aan het werk blijven.
Als onderdeel van de pensioenhervorming wordt het nieuwe actieve pensioen als een belangrijk concept gepresenteerd. Hierdoor krijgen gepensioneerden de mogelijkheid om tot 2.000 euro belastingvrij te verdienen, wat hun financiële situatie na pensionering aanzienlijk zou kunnen verbeteren. Dit initiatief wordt gezien als een stap om werknemers na de wettelijke pensioenleeftijd aan te moedigen deel te nemen aan de arbeidsmarkt. Mack sloot de mogelijkheid niet uit dat in de toekomst hogere pensioenleeftijden zouden kunnen worden overwogen, zoals blijkt uit een blik op landen als Denemarken, waar vanaf 2040 al een pensioenleeftijd van 70 jaar is vastgesteld. Kritische stemmen, zoals Verena Bentele, voorzitter van de sociale vereniging VdK, waarschuwen echter dat er rekening moet worden gehouden met de druk op mensen die om gezondheidsredenen niet meer kunnen werken en roepen op tot een verbetering van de algemene omstandigheden, bijvoorbeeld door meer kinderdagverblijven en verpleeghulp.
Belangrijke veranderingen en uitdagingen
De voortdurende discussie over pensioenhervormingen kan ook worden opgevat als een reactie op de demografische veranderingen en de daarmee gepaard gaande zorgen over armoede op oudere leeftijd. De federale regering heeft aangekondigd dat de pensioenniveaus tegen 2031 gestabiliseerd moeten zijn op 48 procent van het gemiddelde bruto inkomen. Deze stabilisatie gebeurt via subsidies uit de federale begroting, maar dit zou op de lange termijn tot financiële uitdagingen kunnen leiden. Volgens Rentenportal zal er ook een duurzaamheidsfonds worden opgericht om de pensioenfinanciën te versterken.
Wat de pensioenmodaliteiten betreft, blijft de leeftijd 67 jaar, hoewel mensen die boven de 45 jaar een pensioenverzekering hebben betaald, nog steeds zonder aftrek met pensioen kunnen gaan. Daarnaast wordt vanaf 2026 het vervroegd pensioen ingevoerd, waarbij voor ieder schoolkind tussen de 6 en 18 jaar 10 euro per maand op een ouderdomsspaarrekening wordt gestort. Critici wijzen er echter op dat veel hoekstenen van de huidige hervormingen, zoals actieve pensioenen, vooral ten goede zouden kunnen komen aan hoger verdienende gepensioneerden, terwijl sociaal zwakkere groepen er nauwelijks van profiteren.
De realiteit van gepensioneerden in Duitsland
Volgens Deutschlandfunk is de realiteit vaak ontnuchterend. Ruim 61 procent van de gepensioneerden ontvangt minder dan 1.200 euro netto per maand. Vooral de situatie van alleenstaanden is zorgwekkend: één op de drie mensen heeft minder dan 750 euro netto tot zijn beschikking. De wettelijke pensioenverzekeringen, die worden gefinancierd via een omslagstelsel, staan voor grote uitdagingen als gevolg van demografische ontwikkelingen. Deskundigen waarschuwen voor toenemende financiële knelpunten, die nog kunnen worden verergerd door de stijgende kosten van levensonderhoud en de daarmee samenhangende pensioenrechten. De wetenschappelijke adviesraad van het Ministerie van Economische Zaken maakt duidelijk dat deze ontwikkeling kan leiden tot “plotseling toenemende financieringsproblemen”.
Over het geheel genomen is het duidelijk dat het pensioenbeleid in Duitsland voor een verandering staat die zowel nieuwe kansen als aanzienlijke uitdagingen met zich meebrengt. De op handen zijnde veranderingen vragen om de goede hand van de overheid en maatschappelijke organisaties om de juiste maatregelen te nemen en vooral om ervoor te zorgen dat toekomstige generaties niet zullen lijden onder de beslissingen van de hedendaagse politici.